Hoe praat jij met dieren?
Iedereen doet het op zijn of haar manier,
maar ook zijn er nog steeds mensen die denken dat een dier niks begrijpt.
Niet dus.
Een dier begrijpt veel meer dan je zou verwachten.
Als een hond niet luistert, ligt dat niet eens altijd aan de hond,
maar vaak dat die het niet begrijpt.
Vroeger hadden we een hond ‘Skoeffel’, en op het veldje voor de flat mocht ze altijd los,
en met andere honden spelen.
Als ik ze dan riep, kwam ze niet meteen.
Na verloop van tijd kwam ze toch, en dan mopperde ik en pakte ze bij haar nekvel,
zoals een moederhond dat bij haar pupjes doet als ze ongehoorzaam zijn.
Toen dacht ik dat dat de manier was,
maar inmiddels ben ik er wel achter dat ik ze had moeten belonen als ze kwam.
Ook al duurde het wat langer.
Dan zou ze snappen dat dát het goede gedrag was.
En zo maken we allemaal onze ‘fouten’. Noem het onwetendheid.
Je kunt tegen een hond iets zeggen, maar woorden begrijpt ie niet zomaar.
Er moet iets aan vast zitten.
Bijvoorbeeld als je hem een koekje geeft en zegt: “lust jij een koekje?”
dan heeft ie gauw genoeg in de gaten dat het woord koekje hoort bij het krijgen van een koekje. Simpel toch. En… belonen werkt beter dan straffen.
Een hond wil het allemaal toch meestal goed doen.
Bij katten ligt dat iets anders.
Die draaien het vaak om.
Daar moet de mens luisteren en het goed doen.
Nou heb je mensen die veel tegen hun dier praten,
maar zonder te praten kunnen ze ook veel van je opvangen.
Hoe praat jij met dieren?
Zo ken ik iemand die niks tegen zijn hond hoeft te zeggen als ie weggaat.
Ik vraag hem: “Zeg jij niet dat je weggaat en straks weer terugkomt?”
“Nee hoor, dat weet ze wel.”
De hond gaat vanzelf in de bench op haar kussen liggen.
Ze weet het gewoon en is ook heel oplettend. Ze ziet het aan de dingen die hij doet.
Mooi toch.
Dieren vangen ook je gedachten op, en jij kunt ook de gedachten van het dier opvangen.
Zo werkt dat ook op afstand.
Ik heb er een paar cursussen voor gevolgd, en ben er nu weer mee aan het oefenen.
Met vreemde dieren die ik niet ken, die niet bij me zijn, gewoon via een foto en een paar gegevens die ik krijg van de mens bij het dier.
Ik maak er een verslagje van en stuur het terug, en de persoon geeft positief commentaar.
De dingen die niet kloppen worden niet genoemd, alleen de dingen die wel kloppen.
Dit geeft dan ook weer zelfvertrouwen, want, als je alleen focust op de fouten, wordt je onzeker. De dingen die wel kloppen had je goed doorgekregen.
Hoe kon je het anders weten.
Het verschil tussen ‘doorkrijgen’ en verzinnen is best onduidelijk,
en het is dan ook de kunst om niet in je hoofd te zitten, want daar verzin je.
En wat denk ik ook meespeelt is, dat je durft op je bek te gaan,
want soms krijg je dingen door waarvan je denkt dat het helemaal niet kan,
en als je het dan toch durft op te schrijven en blijkt dat het klopt,
geeft dat toch wel weer vertrouwen.
Als het niet klopt wat je opschreef sta je hooguit ‘voor schut’. En wat dan nog?
Veel dingen had je wel goed.
Het is zenden en ontvangen.
Ik had de cursus bij de Zomerhof gedaan, bij Mieke Zomer, en dat was zo leuk om te doen.
Zelf heb ik geen huisdieren meer, en omdat ik alleen ben, begin ik er maar niet aan.
Ik wil die verantwoording niet.
Maar dieren zijn wel heel leuk, en we kunnen er allemaal mee praten.
Ieder op zijn eigen manier.
Iedereen doet het op zijn of haar manier,
maar ook zijn er nog steeds mensen die denken dat een dier niks begrijpt.
Niet dus.
Een dier begrijpt veel meer dan je zou verwachten.
Als een hond niet luistert, ligt dat niet eens altijd aan de hond,
maar vaak dat die het niet begrijpt.
Vroeger hadden we een hond ‘Skoeffel’, en op het veldje voor de flat mocht ze altijd los,
en met andere honden spelen.
Als ik ze dan riep, kwam ze niet meteen.
Na verloop van tijd kwam ze toch, en dan mopperde ik en pakte ze bij haar nekvel,
zoals een moederhond dat bij haar pupjes doet als ze ongehoorzaam zijn.
Toen dacht ik dat dat de manier was,
maar inmiddels ben ik er wel achter dat ik ze had moeten belonen als ze kwam.
Ook al duurde het wat langer.
Dan zou ze snappen dat dát het goede gedrag was.
En zo maken we allemaal onze ‘fouten’. Noem het onwetendheid.
Je kunt tegen een hond iets zeggen, maar woorden begrijpt ie niet zomaar.
Er moet iets aan vast zitten.
Bijvoorbeeld als je hem een koekje geeft en zegt: “lust jij een koekje?”
dan heeft ie gauw genoeg in de gaten dat het woord koekje hoort bij het krijgen van een koekje. Simpel toch. En… belonen werkt beter dan straffen.
Een hond wil het allemaal toch meestal goed doen.
Bij katten ligt dat iets anders.
Die draaien het vaak om.
Daar moet de mens luisteren en het goed doen.
Nou heb je mensen die veel tegen hun dier praten,
maar zonder te praten kunnen ze ook veel van je opvangen.
Hoe praat jij met dieren?
Zo ken ik iemand die niks tegen zijn hond hoeft te zeggen als ie weggaat.
Ik vraag hem: “Zeg jij niet dat je weggaat en straks weer terugkomt?”
“Nee hoor, dat weet ze wel.”
De hond gaat vanzelf in de bench op haar kussen liggen.
Ze weet het gewoon en is ook heel oplettend. Ze ziet het aan de dingen die hij doet.
Mooi toch.
Dieren vangen ook je gedachten op, en jij kunt ook de gedachten van het dier opvangen.
Zo werkt dat ook op afstand.
Ik heb er een paar cursussen voor gevolgd, en ben er nu weer mee aan het oefenen.
Met vreemde dieren die ik niet ken, die niet bij me zijn, gewoon via een foto en een paar gegevens die ik krijg van de mens bij het dier.
Ik maak er een verslagje van en stuur het terug, en de persoon geeft positief commentaar.
De dingen die niet kloppen worden niet genoemd, alleen de dingen die wel kloppen.
Dit geeft dan ook weer zelfvertrouwen, want, als je alleen focust op de fouten, wordt je onzeker. De dingen die wel kloppen had je goed doorgekregen.
Hoe kon je het anders weten.
Het verschil tussen ‘doorkrijgen’ en verzinnen is best onduidelijk,
en het is dan ook de kunst om niet in je hoofd te zitten, want daar verzin je.
En wat denk ik ook meespeelt is, dat je durft op je bek te gaan,
want soms krijg je dingen door waarvan je denkt dat het helemaal niet kan,
en als je het dan toch durft op te schrijven en blijkt dat het klopt,
geeft dat toch wel weer vertrouwen.
Als het niet klopt wat je opschreef sta je hooguit ‘voor schut’. En wat dan nog?
Veel dingen had je wel goed.
Het is zenden en ontvangen.
Ik had de cursus bij de Zomerhof gedaan, bij Mieke Zomer, en dat was zo leuk om te doen.
Zelf heb ik geen huisdieren meer, en omdat ik alleen ben, begin ik er maar niet aan.
Ik wil die verantwoording niet.
Maar dieren zijn wel heel leuk, en we kunnen er allemaal mee praten.
Ieder op zijn eigen manier.
#